Topografie en het geheugen

20170324_111215_HDR

Topografie

Topografie is een heel ding geworden. Vorig jaar was dat nog niet zo. Zoon 1 kwam thuis met twee A4-tjes, waarop de te leren plaatsen, wateren en natuurgebieden keurig waren ingekleurd in respectievelijk rood, blauw en groen. We oefenden elke avond even, totdat hij alles uit zijn hoofd kende. En elke keer moeiteloos een tien scoorde.

Zoon 2 (9 jaar) is anders, dus gaat ook alles anders. Ik heb al een paar keer uit zijn rugzak propjes papier gevist, die de te leren topografie bleken te zijn. Niets was ingekleurd en de zin om alles te leren, was ver te zoeken: ‘Mam, dat is gewoon saai! En bovendien… Zeeland! Daar ben ik nog nooit geweest en ik ga er ook niet naartoe. Dus waarom moet ik dan weten waar Goes ligt?’

Noord-Brabant

Daarna kwam Noord-Brabant. De verkreukelde blaadjes topo belandden op een stapel en omdat de toets nog ver weg was, bleven ze daar liggen. Twee dagen voor de toets wijs ik hem op de noodzaak om toch eens te beginnen. Maar hij heeft geen zin. Er zijn belangrijkere dingen te doen. Een dag voor de toets besluit ik strenger op te treden. Het vriendje met wie hij heeft afgesproken, mag tot vier uur blijven. Daarna moet hij aan de slag. Hij gaat uit protest achterste voren op de stoel zitten en ik hoor allemaal moeilijke geluiden. Ik zeg hem dat we echt moeten beginnen en wijs aan: Bergen op Zoom, Roosendaal, Breda, Tilburg et cetera. Ik dreun het weer op en probeer hem zo alles te laten zien. ‘Bla bla bla,’ luidt zijn antwoord.

Verzet

Dit wordt lastig. Ik probeer hem erbij te betrekken, een handig rijtje te maken en ezelsbruggetjes te verzinnen. ‘Kijk, hier rijden we altijd langs als we naar België gaan. En hier woont je vriendje dat is verhuisd. En zie je, als we bij Den Bosch rijden, staat altijd Oss op de borden. Dat klopt, want het ligt er vlakbij.’ Maar topo blijft iets abstracts voor hem. Hoewel zoon 2 zich blijft verzetten, kent hij inmiddels wel wat plaatsen. Maar weigert halsstarrig meer zijn best te doen.

Een nul

Dit gaat me op mijn zenuwen werken. Ik ken Noord-Brabant inmiddels op mijn duimpje, doe mijn best te helpen en hij werkt alleen maar tegen. Ik word uiteindelijk boos en zeg dat hij dan maar uitzoekt. Dan maar een nul – ik help niet meer. Ik ga koken, de boel opruimen en zijn broers ophalen. Zoon 2 loopt richting de televisie, maar ik leg de afstandsbediening buiten bereik: ‘Geen tv als je je topo nog niet kent.’

Opeens dringt het tot hem door dat het toch wel menens wordt. Met een lang gezicht gaat hij weer zitten aan tafel. Ik doe alsof ik niets zie, maar zie zijn ogen over het verkreukelde velletje glijden. Ik ga weg en haal zijn broers op. ’s Avonds knapt zijn humeur wat op en nemen we alles door. De volgende ochtend, vlak voor de toets, overhoor ik hem nog eens. Hij weet alles, van Oosterhout tot Helmond en van Uden tot Roosendaal.

En hij zegt trots: ’Grappig hè, mam, dat je geheugen zo snel en makkelijk werkt.’

Eén gedachte over “Topografie en het geheugen

Laat een reactie achter bij Henny Vijgen Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *